vrijdag 13 juni 2014

Hersenschimmen

Door J. Bernlef

Na korte bespreking met de groep, kwam het al snel naar voren dat we allen lage verwachtingen hadden van het boek. Hoewel de recensies zeer positief waren, het boek werd zelfs bestempeld als echte klassieker. Wij vonden dit maar speculatief. Hoe zou een boek over alzheimer vanuit het ik-vertelinstantie nou goed geschreven kunnen zijn en realistisch overkomen? Gelukkig bleek dat deze recensies niet ongegrond waren. Het boek was een stuk sterker geschreven dan dat we van tevoren verwacht hadden. 

Bernlef koos voor de titel 'Hersenschimmen'. Dit slaat terug op de geestelijke ziekte van de hoofdpersoon Maarten. Door zijn dementie verliest Maarten steeds meer zijn grip op de werkelijkheid en veranderen zijn herinneringen geleidelijk in schimmen.
De hoofdpersoon is Maarten Klein, een 71 jaar oude man die met zijn vrouw, Vera, naar Amerika verhuisd is. Hij begint steeds vaker dingen te vergeten en blijkt aan dementie te lijden. Omdat je de wereld vanuit zijn oogpunt ziet vanaf het moment dat hij begint te dementeren leer je alleen zijn gedachtegang goed kennen; door zijn dementie krijg je alleen wat verwarde informatie binnen over de andere personages. Maarten en Vera hebben twee kinderen: Kitty en Fred. Zij wonen ver bij hun ouders vandaan. Daarnaast is er een dokter, waar nauwelijks iets van bekend gemaakt wordt. Maarten en Vera krijgen een hulp in huishouden: Phil. Haar leer je kennen als de vreemde vrouw die ingebroken heeft, als de vroegere pianolerares van maarten, en gewoon als de hulp in het huishouden. Zij is de enige die je echt als streng leert kennen in het boek
Doordat je de wereld ziet vanuit het oogpunt van een demente man, ontstaan er naarmate het verhaal, dat zich in chronologische tijdsvolgorde afspeelt, vordert steeds meer open plekken. Die open plekken worden door het verhaal niet opgelost, de lezer kan alleen maar bedenken wat er nou echt gebeurd is. Omdat de focalisatie constant bij Maarten ligt, raak je zelf ook verward van het lezen van het boek. We hadden het allemaal dat we soms zelf ook een beetje in de war waren na een paar bladzijden in het boek gelezen te hebben. Dat de setting van het verhaal een thuissituatie is, zorgt er ook voor dat je beseft dat wat in het boek gebeurt iedereen kan gebeuren.
Het thema van het boek is dementie. Het hele verhaal draait om de ziekte dementie waar het hoofdpersoon Maarten mee te maken krijgt. Er zitten verschillende motieven in dit verhaal, dingen als het boek `Our Man In Havana´ en het woord enfin. Dit zijn dingen die in het verhaal herhaaldelijk voorkomen en laten zien dat Maarten achteruit gaat. Ook de winter en de taal zijn motieven in dit verhaal.
Wij vonden het boek interessant om te lezen. Doordat het boek door de ogen van Maarten is geschreven, weet je wat hij doormaakt. Als lezer raak je af en toe zelfs in een beetje in de war, zeker in de laatste paar hoofdstukken. Wij vonden dan ook dat het boek precies zo geschreven was, dat je als lezer wordt meegenomen in het verhaal.

Individueel
Het proces van de discussie verliep vrij vlot. We waren het redelijk snel met elkaar eens en onze meningen over het boek lagen dicht bij elkaar. Het proces van nabespreken en discussiĆ«ren over het boek heb ik als zeer leerzaam ervaren. Hoewel ons gekozen boek leesniveau 3 had, denk ik persoonlijk dat ik een iets ingewikkelder boek ook prima aan zou kunnen. Volgende keer zou ik daarom graag ‘Een Schitterend Gebrek’ van Arthur Japin willen lezen. 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten