Hersenschimmen
Door J. Bernlef
Na korte
bespreking met de groep, kwam het al snel naar voren dat we allen lage
verwachtingen hadden van het boek. Hoewel de recensies zeer positief waren, het
boek werd zelfs bestempeld als echte klassieker. Wij vonden dit maar
speculatief. Hoe zou een boek over alzheimer vanuit het ik-vertelinstantie nou
goed geschreven kunnen zijn en realistisch overkomen? Gelukkig bleek dat deze
recensies niet ongegrond waren. Het boek was een stuk sterker geschreven dan
dat we van tevoren verwacht hadden.
De hoofdpersoon is
Maarten Klein, een 71 jaar oude man die met zijn vrouw, Vera, naar Amerika
verhuisd is. Hij begint steeds vaker dingen te vergeten en blijkt aan dementie
te lijden. Omdat je de wereld vanuit zijn oogpunt ziet vanaf het moment dat hij
begint te dementeren leer je alleen zijn gedachtegang goed kennen; door zijn
dementie krijg je alleen wat verwarde informatie binnen over de andere
personages. Maarten en Vera hebben twee kinderen: Kitty en Fred. Zij wonen ver
bij hun ouders vandaan. Daarnaast is er een dokter, waar nauwelijks iets van
bekend gemaakt wordt. Maarten en Vera krijgen een hulp in huishouden: Phil. Haar leer je
kennen als de vreemde vrouw die ingebroken heeft, als de vroegere pianolerares
van maarten, en gewoon als de hulp in het huishouden. Zij is de enige die je
echt als streng leert kennen in het boek
Doordat je de wereld ziet vanuit
het oogpunt van een demente man, ontstaan er naarmate het verhaal, dat zich in
chronologische tijdsvolgorde afspeelt, vordert steeds meer open plekken. Die
open plekken worden door het verhaal niet opgelost, de lezer kan alleen maar
bedenken wat er nou echt gebeurd is. Omdat de focalisatie constant bij Maarten
ligt, raak je zelf ook verward van het lezen van het boek. We hadden het
allemaal dat we soms zelf ook een beetje in de war waren na een paar bladzijden
in het boek gelezen te hebben. Dat de setting van het verhaal een thuissituatie
is, zorgt er ook voor dat je beseft dat wat in het boek gebeurt iedereen kan
gebeuren.
Het thema van het boek is dementie.
Het hele verhaal draait om de ziekte dementie waar het hoofdpersoon Maarten mee
te maken krijgt. Er zitten verschillende motieven in dit verhaal, dingen als
het boek `Our Man In Havana´ en het woord enfin. Dit zijn dingen die in het verhaal herhaaldelijk
voorkomen en laten zien dat Maarten achteruit gaat. Ook de winter en de taal
zijn motieven in dit verhaal.
Wij
vonden het boek interessant om te lezen. Doordat het boek door de ogen van
Maarten is geschreven, weet je wat hij doormaakt. Als lezer raak je af en toe
zelfs in een beetje in de war, zeker in de laatste paar hoofdstukken. Wij
vonden dan ook dat het boek precies zo geschreven was, dat je als lezer wordt
meegenomen in het verhaal.
Individueel
Het proces van de discussie
verliep vrij vlot. We waren het redelijk snel met elkaar eens en onze meningen
over het boek lagen dicht bij elkaar. Het proces van nabespreken en
discussiƫren over het boek heb ik als zeer leerzaam ervaren. Hoewel ons gekozen
boek leesniveau 3 had, denk ik persoonlijk dat ik een iets ingewikkelder boek
ook prima aan zou kunnen. Volgende keer zou ik daarom graag ‘Een Schitterend
Gebrek’ van Arthur Japin willen lezen.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten