Verwerkingsopdracht 'Verlichting'
Opdracht literatuur - Imaginair Reisverhaal
Daar was het dan eindelijk. Na vijf lange, uitputtende dagen op onrustig water, zag hij hetgeen waar hij zo vreselijk naar uitkeek: land. Zijn geboorteland zou hij de komende paar jaar niet meer terug zien. Sterker nog, als Mumbasa’s beloftes over het Westen waar bleken te zijn, misschien wel nooit meer. Hij keek om zich heen. Een zwangere vrouw keek angstig terug. Hij zag jonge kinderen, van wie hij het aantal ribben kon tellen. Hij zag adolescenten zoals hij, hopend op een betere toekomst. Allen hadden al vier nachten en vijf dagen achter elkaar gestaan. De roestende boot was overvol en er was in de verste verte geen ruimte geweest om te liggen. Waarom? Bleef hij zich afvragen. Waarom? Waarom is het zo oneerlijk verdeeld? Waarom hebben zij alles en wij niets? Waarom moeten wij deze kwelling doorstaan om geluk en welvaart te vinden, en krijgen zij het in hun schoot geworpen? Want hoewel zijn lichaam schreeuwde om rust en voedsel, schreeuwde het ook om een toekomst. Een toekomst waarvan hij wist dat hij hem nooit zou hebben in zijn geboorteland.
Zijn broer was hem voorgegaan. Na zijn vertrek, een paar jaar geleden, had hij af en toe ansichtkaarten verstuurd vanuit Silorciƫ. Dat het hem goed ging en dat hij zo snel als hij kon terug zou komen. Maar hij kwam niet terug. Het nieuws van zijn dood had de familie hard geraakt.
Toch had ook hij zich op laten hitsen door Mumbasa om dezelfde levensgevaarlijke tocht te maken. Het was ook moeilijk om er weerstand tegen te bieden. Als je eigen situatie slecht en uitzichtloos was, leek het zo aantrekkelijk ergens naartoe te vluchten waar alles anders zou zijn. Waar je wel een kans zou hebben.
Alles was zo goed en zo kwaad als het kon geregeld. Via Mumbasa natuurlijk. Ook al stond hij in de wijde omtrek bekend om zijn gladde praatjes en was hij verre van betrouwbaar, was hij de enige die een uitweg bood. Een dure uitweg, wel te verstaan, waarbij Mumbasa ongetwijfeld een groot deel van de winst opstreek.
Het land kwam steeds dichterbij. Er verschenen langzaamaan glimlachen op de vermoeide gezichten. Ook hijzelf kon zijn blijdschap nauwelijks onderdrukken. Welvaart! Welzijn! Voor het eerst sinds tijden kreeg hij een gevoel wat sterk leek op geluk.
Direct nadat hij dat besefte, dacht hij weer aan zijn benarde situatie. Aan de oneerlijkheid. Aan zijn familie. Aan zijn vrienden. Aan alles wat hij achter zich had moeten laten voor deze tocht. Zijn glimlach verdween als sneeuw voor de zon. Hij had zoveel ontberingen moeten doorstaan om dit te bereiken. En dat terwijl sommige mensen het zo gemakkelijk hadden, zonder dat ze zich hier ook maar bewust van waren. Vanbinnen maakte dit hem razend. Want als de welvaart zo oneerlijk verdeeld bleef, dan kwam hij het wel halen.
Hoi Anniek,
BeantwoordenVerwijderenJe hebt een mooi verhaal geschreven! Ik verheugde met op het eiland en wat daar allemaal zou gebeuren, maar helaas vertel je daar niks over. Het is natuurlijk ook lastig om dit in zo'n kort fragment uit te werken, maar ik mis nu wel een belangrijk deel van een imaginair reisverhaal. De naam van het eiland is dan wel fictief, maar ik weet verder niks over de bewoners ervan. Als de opdracht iets langer was geweest, ben ik ervan overtuigd dat het een enorm goed verhaal zou worden!
Groetjes,
Sanne
Hallo Anniek,
BeantwoordenVerwijderenAllereerst wil ik je vertellen dat je goed kan schrijven. Je zinsbouw is niet te ingewikkeld en je stuk is goed te lezen. Het enige dat ik mis is de beschrijving van het eiland. Het idee van een imaginair reisverhaal is dat de plek waar iemand belandt een beeld schept van hoe een samenleving is (meestal negatief) of hoe het zou moeten zijn. (denk aan de "yahoos" van Gulliver's Travels) Wat ik wel goed vind, is dat je de kritiek die op de samenleving geleverd wordt door de hoofdpersoon goed weergeeft. Ik moet natuurlijk, net als Sanne, wel toegeven dat je niet echt genoeg ruimte had om het verhaal goed uit te werken. Al met al vind ik toch dat je het goed gedaan hebt.
Groetjes
Coen